Home

Winst voor arbeidsmarkt door uit comfortzone te stappen

Dit project draagt bij aan de realisatie van Doel 11

Willen bedrijven hun vakkrachten behouden, dan is het nodig te investeren in duurzame inzetbaarheid van de werknemers. In de provincie Limburg stappen ze over hun eigen schaduw heen. Werkgevers, overheden en O&O-fondsen bundelen daar hun krachten en zetten op innovatieve en flexibele wijze scholingsmiddelen in.

Met het experiment 'Intersectorale mobiliteit en zij-instroom' zet Limburg zichzelf goed op de kaart. De provincie investeert samen met vier O&O-fondsen – A+O-fonds gemeenten, CA-ICT, DOORZAAM en OTIB, FNV, UWV Werkbedrijf en de Arbeidsmarkt Regio Zuid-Limburg (vertegenwoordigd door de gemeente Sittard-Geleen) in duurzame inzetbaarheid door niet alleen werkzoekenden en uitkeringsgerechtigden op weg naar een baan te helpen, maar ook werknemers die graag willen overstappen op ander werk. Omdat ze bijvoorbeeld wat ouder zijn en fysiek minder zwaar werk willen doen of zich verder willen ontwikkelen. Dit vanuit de gedachte dat arbeidskrachten beter voor de arbeidsmarkt behouden blijven als ze zich echt op hun plek voelen.

Ieder zijn rol
In het experiment heeft iedere partij zijn eigen rol. De provincie is vanuit de actielijn 'Lang leve het leren' van het programma 'Zo werkt Limburg' opdrachtgever, heeft de projectleider aangesteld en daarnaast een bijdrage van € 20.000 geleverd voor een innovatief en flexibel in te zetten scholingsbudget. UWV en de 3 werkgeversservicepunten binnen de Arbeidsmarkt Regio Zuid-Limburg dragen bemiddelbare werkzoekenden aan voor zij-instroom. FNV levert arbeidskrachten die begeleid willen worden van werk naar werk. De O&O-fondsen ten slotte, zetten hun eigen landelijke en regionale regelingen in, leveren ieder € 10.000 als bijdrage voor het innovatief en flexibel in te zetten scholingsbudget en dragen werkgevers aan.   

Investering
In totaal is er dus € 60.000 aan extra middelen die aangeboord kunnen worden als de reguliere middelen niet volstaan. Projectleider Ingrid Bos van Metechnica: 'Dat extra geld wordt pas ingezet, als een traject niet of niet volledig uit de reguliere budgetten kunnen worden betaald. Wij leveren maatwerk aan deelnemers die mee doen, dus dat betekent dat je soms extra middelen nodig hebt. Bijvoorbeeld als een restaurantmedewerker zich wil laten omscholen tot elektrotechnicus en er is naast scholing en coaching ook nog begeleiding bij de werkgever op de werkvloer nodig. We zien het als een investering die zich in de toekomst terugbetaalt, want je zorgt ervoor dat mensen zich gelukkig voelen in hun werk. Daarmee maak je niet alleen werknemers, maar ook werkgevers blij. Die hebben zo extra gemotiveerde mensen.'

Buiten de sector
Dat de O&O-fondsen budgetten intersectoraal gebruiken, vindt Bos bijzonder. 'Normaal gesproken worden O&O-gelden alleen binnen de eigen sector ingezet. Maar deze vier sectorfondsen willen verder kijken dan hun eigen sector, het belang van intersectorale mobiliteit inzien én daarvoor extra geld als innovatief budget opzij zetten.'

Strategische competentieontwikkeling
Ingrid Bos en Jacques Heuschen, beleidsmedewerker cluster Economie & Innovatie van de provincie Limburg en initiator van het experiment, gingen in gesprek met HR-professionals. Deze reageerden  laaiend enthousiast. 'HR-professionals zien de meerwaarde van mobiliteit, ook vanuit het perspectief van strategische competentieontwikkeling', aldus Heuschen. 'Bij directies en leidinggevenden lag dat iets lastiger. Zeker bij MKB-bedrijven vinden ze het soms moeilijk om over de muren van de eigen organisatie, laat staan die van de eigen branche, te kijken. Het is bedreigend, want de arbeidsmarktkrapte, zeker in de technieksector, is groot. Ze willen niet dat er iemand anders in hun tuintje komt harken.'

Diesel
Heuschen ziet het experiment dan ook als een diesel die tijd nodig heeft om op gang te komen. 'We beginnen nu de eerste succesjes te boeken, vooral in de technieksector. Inmiddels hebben we 3 werkzoekenden via zij-instroom en 3 werkenden via een werk-naar-werktraject weten te plaatsen. Grote technische bedrijven zoals Engie en Spie doen mee en hebben al mensen aangenomen. Maar het is een molen van samenwerking die tijd nodig heeft om op gang te komen, veel meer dan we van tevoren dachten. Daarom hebben alle partijen besloten het experiment met een half jaar te verlengen.'

Gesprek aangaan
Het mooie is dat steeds meer werknemers zich uit zichzelf melden, vult Bos aan. 'We hebben met instemming van de werkgevers posters en flyers in bedrijven verspreid en weten op die manier onze doelgroep te bereiken. Ook zijn steeds meer werkgevers bereid om zelf het gesprek met hun medewerkers aan te gaan. Ze beseffen dat mobiliteit ter sprake brengen geen diskwalificatie van de werknemer is, maar een kwestie van samen kijken naar wat de werknemer nodig heeft, wat de organisatie nodig heeft en dit zien te matchen. Dat is nou werken aan duurzame inzetbaarheid.'

Gemeenschappelijk belang
De winst van het experiment is dat branches die elkaar niet kenden, nu elkaar weten te vinden, vindt Heuschen. 'De sectorfondsen en deelnemende werkgevers werken samen vanuit een gemeenschappelijk belang – duurzame inzetbaarheid binnen de verschillende sectoren – en zijn bereid daarvoor verder te kijken dan het bedrijfsbelang.'

Leerpunten
Komend voorjaar wordt het experiment afgerond met de oplevering van een eindevaluatie. Deze wordt breed gedeeld worden onder alle betrokkenen, waaronder ook het ministerie van SZW. Het Lectoraat Employability van de Hogeschool Zuyd voert deze eindevaluatie uit in opdracht van de provincie. In het rapport komen zeker ook leerpunten te staan waarmee andere regio's hun voordeel kunnen doen. Heuschen noemt de belangrijkste twee: 'Neem de tijd, want die heb je echt nodig om goed op gang te komen én zorg ervoor dat je meteen met alle betrokkenen van de werkgever om tafel zit: niet alleen met HR, maar ook met de directie en het management.'   

Deze case is een voorbeeld van doel 11 van het Techniekpact: Integrale samenwerking van regionale en sectoralen netwerken bevorderen.

In onderstaand filmpje vertelt Rico Kuhne vertelt over zijn ervaring als zij-instromer in de provincie Limburg.

MEER CASES BIJ DOEL 11