Home

Nieuwsbrief // werken in de techniek

Hoe ingenieursbureaus het arbeidstekort aanpakken

De schaarste op de arbeidsmarkt in de technieksector raakt ook ingenieursbureaus. Carla Moonen van Koninklijke NLingenieurs en Doreth Lau-van der Panne van Antea Group vertellen hoe de ingenieurs dat probleem aanpakken. ‘We willen zelf deel zijn van de oplossing.’


Op de foto - links: Carla Moonen, rechts: Doreth Lau-van der Panne

‘Ingenieursbureaus hebben moeite om voldoende personeel te vinden. Niet alleen civiel ingenieurs en hydrologen, maar ook bijvoorbeeld IT’ers, AI-experts en datawetenschappers. De schaarste raakt de volle breedte van de techniek.’ Carla Moonen is nu een half jaar bestuursvoorzitter van branchevereniging Koninklijke NLingenieurs en merkt dat dit probleem bij veel werkbezoeken op tafel komt. ‘Daarom hebben we dit punt voor de komende jaren op de agenda gezet. Daarbij willen we graag kijken of we zelf deel kunnen zijn van de oplossing. Dat is immers wat ingenieurs doen: complexe vraagstukken oplossen.’

Aantrekkelijk presenteren
Directeur human resources Doreth Lau-van der Panne van ingenieurs- en adviesbureau Antea Group herkent het probleem. ‘We moeten heel veel moeite doen om technici binnen te halen. Het aanbod aan afgestudeerden neemt wel iets toe, maar de vraag vanuit de arbeidsmarkt groeit harder. We moeten onszelf echt aantrekkelijk presenteren. Eerst duidelijk maken waarom het interessant is om bij een ingenieursbureau te werken en vervolgens waarom ze juist voor ons moeten kiezen.’

De basis: zichtbaarheid vergroten
‘Het begint met zichtbaarheid vergroten bij bestaande doelgroepen’, denkt Moonen. ‘We zijn allemaal hard aan het werk om goede plannen te maken, maar vergeten dan om dat ook aan anderen te laten zien. HBO’s en universiteiten zijn daarbij een belangrijke doelgroep. Witteveen+Bos had bijvoorbeeld een goed initiatief op dat vlak. In het najaar van 2018 hebben zij een pop-upkantoor neergezet op de campus van Wageningen University & Research: midden tussen de technische studenten. Daar lieten ze zien wat het werk van een ingenieursbureau inhoudt. Met dat soort projecten willen we graag meer experimenteren.’

Studenten intellectueel uitdagen
Ook Antea Group werkt veel samen met universiteiten en hogescholen. Lau-van der Panne: ‘We hebben bijvoorbeeld een challenge georganiseerd via de roeiverenigingen van drie “technische” universiteiten: Wageningen, Delft en Eindhoven. Daarbij gingen 75 studenten de strijd met elkaar aan. Het was een combinatie van fysieke en intellectuele krachtmeting. Voor dat laatste gebruikten we casussen uit onze eigen praktijk. Verder organiseren we regelmatig inhoudsdagen. Daarbij komen studenten naar ons toe en laten we ze bijvoorbeeld met een VR-bril zien wat we doen. En met businesscourses laten we jonge talenten kennismaken met onze organisatie en moeten ze vervolgens in groepen een casus uitwerken.’

Jonge ingenieurs zoeken studenten
Bij het benaderen van studenten kan het waardevol zijn om jonge ingenieurs in te zetten. Moonen: ‘Wij doen dat vanuit ons jongerennetwerk JongNLingenieurs. Als een bureau zich aansluit bij onze vereniging, worden de medewerkers van 20 tot 35 jaar automatisch lid van dit netwerk. Die jonge ingenieurs vinden heel goed aansluiting bij studenten, omdat ze zelf een paar jaar geleden nog in dezelfde positie zaten. Zij organiseren onder andere collegetours langs HBO’s en universiteiten. Zo brengen ze studenten in contact met hun werkgever. Daar komen bijvoorbeeld vaak stages en afstudeerprojecten uit voort.’

Voorbeeld voor de jeugd
Studenten zijn een belangrijke doelgroep, maar zichtbaarheid vergroten begint al eerder. Lau-van der Panne: ‘Wij zijn bijvoorbeeld betrokken bij het ontwikkelen van lesmateriaal voor NLT (Natuur, Leven en Technologie) in de bovenbouw van de middelbare school. Daarin gaan de leerlingen 8 weken heel praktisch aan de slag met uitdagingen waarmee je te maken krijgt in aardbevingsgebied. Zo maken we ze bekend met - en hopelijk ook warm voor – ons werk.’ Moonen: ‘Toen ik nog dijkgraaf was bij Waterschap Brabantse Delta, ging ik langs bij een middelbare school voor een debat in de tweede klas over waterbeheer en duurzaamheid. Voor die 14-jarigen ben je dan een voorbeeld van wat je met techniek kunt bereiken.’

Breed publiek, mooi resultaat
Ook bekendheid bij een breder publiek is van belang. Antea Group zette bijvoorbeeld een pop-upstore neer op station Utrecht Centraal, waar dagelijks duizenden mensen langskomen. Lau-van der Panne: ‘Daarmee wilden we drie doelen bereiken: direct in contact komen met eindgebruikers, het werkveld van ingenieurs breder onder de aandacht brengen, en nieuwe medewerkers werven. Dat leverde mooie resultaten op. We kregen enorm veel publiciteit en enthousiaste reacties van het publiek. Zij maakten onder andere kennis met ons werk via een laagdrempelige game. Daarnaast waren onze medewerkers trots dat ze daar mochten staan. En we hebben veel CV’s binnengekregen, waar inmiddels ook nieuwe medewerkers en stagiaires op zijn aangenomen.’

Nieuwe functies bekendmaken
‘Om nieuwe medewerkers aan te trekken, hebben we in de pop-upstore onze ludieke arbeidsmarktcampagne “ingenieurs en adviseurs met karakter” gelanceerd’, vervolgt Lau-van der Panne. Daarin staat de persoonlijkheid van de ingenieur centraal. We laten zien dat wij complexe dingen eenvoudig maken met een retro-look. Zo onderscheiden we ons van andere bureaus. We benaderen een brede doelgroep, omdat de wereld enorm verandert. We zoeken steeds naar nieuwe profielen, zoals data scientists. Door de projecten die wij lieten zien, ontdekten mensen met een andere achtergrond dat hun kennis en ervaring ook nodig is bij een ingenieursbureau.’

Extra aandacht voor vrouwen
Speciale aandacht is nodig voor vrouwen in de techniek. Moonen: ‘Zelf ben ik de eerste vrouwelijke voorzitter in de 100-jarige geschiedenis van Koninklijke NLingenieurs. Daarmee kan ik een voorbeeld zijn voor 15-jarige meisjes die nu een profiel moeten kiezen: Natuur en Techniek of Economie en Maatschappij. Het is belangrijk dat zij zien dat ons werk ook maatschappelijk relevant is, bijvoorbeeld door bij te dragen aan duurzaamheid.’ Lau-van der Panne: ‘Wij hebben zelf 4 vrouwen in het directieteam tegenover 6 mannen. Bij onze juridische en planologische onderdelen zitten best veel vrouwen, maar in de harde techniek minder. We besteden daar extra aandacht aan, bijvoorbeeld met een vrouwennetwerk. Vrouwen geven minder snel aan dat ze door willen groeien. Daarom vraag ik ze daar expliciet naar.’

Zij-instromers zelf opleiden
Voor oplossingen op korte termijn is het tot slot belangrijk om niet alleen naar jongeren te kijken, maar ook naar zij-instromers. Lau-van der Panne: ‘Er zijn mensen die echt een volledige switch maken. Die combineren dan 4 dagen werken met 1 dag school. Maar bij het Antea Group-onderdeel Van der Heide is bijvoorbeeld een specifiek tekort aan gespecialiseerde techneuten op het gebied van elektrotechniek. Daarom hebben we in samenwerking met het UWV een traject opgezet om mensen voor dat specifieke werk op te leiden. Zo werken we als ingenieursbureau zelf mee aan een oplossing.’

De ingenieursbranche blijft actief bijdragen om de doelen van het Techniekpact te realiseren. Natuurlijk blijven we die ontwikkelingen vol interesse volgen.