Home

Nieuwsbrief // Noord // werken in de techniek

Samenwerken aan een lenige beroepsbevolking

In de Noordelijke Scholingsalliantie werken publieke en private partijen samen om een leercultuur in de regio te bevorderen. Gedeputeerde Cees Bijl van de provincie Drenthe en wethouder Carine Bloemhoff van de gemeente Groningen: "Samen krijgen we voor elkaar wat de sectoren alleen niet lukt."

"Een lenige beroepsbevolking, dat is het doel van de Noordelijke Scholingsalliantie", vertelt gedeputeerde Cees Bijl van de provincie Drenthe. "Onze ambitie is om een leercultuur in de regio te bevorderen. Enerzijds willen we werknemers helpen om regie te krijgen op hun eigen loopbaan. Anderzijds willen we zorgen dat werkgevers voldoende capaciteit blijven behouden." Om dat voor elkaar te krijgen, werken publieke en private partijen uit de regio samen. De provincies Groningen, Friesland en Drenthe, verschillende arbeidsmarktregio’s, vakbonden, brancheorganisaties en opleidings- en ontwikkelingsfondsen. Bijl: "Het gemeenschappelijke belang staat voorop: genoeg mensen voor de sectoren waar werk is."

Crisis voorkomen
"De crisis was de reden om de scholingsalliantie op te richten", verduidelijkt Carine Bloemhoff, wethouder van de gemeente Groningen voor onderwijs, werk & participatie en arbeidsmarktbeleid. "In onze noordelijke arbeidsmarktregio’s hebben we relatief veel mensen met een praktische opleiding. In een periode van laagconjunctuur zitten daardoor veel mensen zonder werk. We willen voorkomen dat dat bij een volgende economische crisis weer gebeurt. Een leven lang ontwikkelen is daarbij de rode draad. We zetten in op een leercultuur binnen bedrijven, maar ook bij werkzoekenden. Daarvoor zetten we arbeidsmarktcoaches in. Ook zorgen we voor een goede verbinding van die coaches met werkgeversservicepunten en arbeidsmarktcoaches van andere branches."

Overheden verbinden
Bij die branche-overstijgende coördinatie is een belangrijke rol weggelegd voor de overheden. Bijl: "Wij zijn aanjagers, maar vooral ook verbinders. Wij voegen de smeerolie toe waarmee we samen voor elkaar krijgen wat de sectoren alleen niet lukt. Mensen die bijvoorbeeld willen overstappen van het bankwezen naar de techniek, kunnen niet terecht bij een opleidingsfonds. Daar zijn alleen middelen voor ontwikkeling binnen de sector. Terwijl de technieksector wel belang heeft bij nieuwe instroom. Dan kunnen wij een bijdrage leveren en die regelingen aan de kant zetten. We moeten niet wachten, maar nu handelen."

Doen waar je goed in bent
"De grootste succesfactor is schakelen", bevestigt Bloemhoff. "We moeten bereid zijn om buiten de eigen grenzen te kijken voor het gezamenlijke belang. Maar verder moet iedere partij vooral doen waar zij goed in is. En haar eigen netwerk en achterban stimuleren. Als gemeente gaan wij bijvoorbeeld actief mensen die een bijstandsuitkering van ons ontvangen benaderen met alle opleidingsmogelijkheden waarover we beschikken. Die mogelijkheden worden steeds groter en bereikbaarder. Op die manier kunnen we werkgevers in de branches helpen aan gemotiveerde en opgeleide krachten."

Aansluiten bij de actualiteit
De branches waar het om gaat zijn vooralsnog techniek, bouw en zorg. "De ambitie is heel breed", benadrukt Bijl. "Maar we beginnen bij branches waar al ontwikkelingen gaande zijn en bouwen daar dan op verder. In Friesland zat al een succesvolle samenwerkingsorganisatie op techniekgebied: F-Top. In Drenthe hadden we iets vergelijkbaars met het Servicepunt Techniek. Die twee organisaties zijn nu samengevoegd tot het Techniekpunt Noord. Daar helpen we mensen om vanuit een andere sector over te stappen naar de techniek. We spelen in op de actualiteit. Na de massaontslagen bij V&D zijn bijvoorbeeld veel mensen vanuit de retail omgeschoold."

Uitrollen in de hele regio
"In Drenthe zijn inmiddels tientallen mensen opgeleid om kwalificaties te behalen in een technisch vakgebied", vult Bloemhoff aan. "De volgende stap is dat we dit najaar in de provincie Groningen een tweede pilot starten. Die is specifiek gericht op installatietechniek in het kader van de energietransitie. Daar is ook de Sociaal Economische Raad Noord nauw bij betrokken. Daarna volgt nog een derde pilot in Noordoost-Friesland. Vervolgens willen we dan echt uitrollen naar de hele noordelijke regio."

Dubbele energietransitie
"De energietransitie speelt hier nog veel sterker dan in de rest van het land", vult Bijl aan.  "Eigenlijk hebben we in het noorden een dubbele transitie. Het gaat hier niet alleen om energie, maar ook om werkgelegenheid. Met turf en gas levert onze regio al heel lang een groot deel van de brandstof voor heel Nederland. De NAM is een grote werkgever en opdrachtgever. Als de gaswinning stopt, is dat een bedreiging voor veel werknemers. Er is dus een gigantische omslag nodig. We willen ook het gezamenlijke beroepsonderwijs inschakelen om mensen op te leiden en om te scholen in de energiesector."

Gezamenlijk fonds
"Met de focus op leven lang ontwikkelen sluiten we goed aan bij de landelijke doelstellingen", constateert Bijl. "Het nadeel is alleen dat de beschikbare middelen om daar invulling aan te geven van drie verschillende ministeries komen: SZW, OCW en EZK. Het zou mooi zijn als zij daarin ook meer samenwerken en met een gezamenlijk fonds komen. Dat helpt initiatieven als de Noordelijke Scholingsalliantie om sneller en eenvoudiger aan de slag te gaan met dat gemeenschappelijke doel: een lenige beroepsbevolking."